Plenair Baumgarten bij voortzetting behandeling Wet meer zekerheid flexwerkers



Verslag van de vergadering van 7 juli 2026 (2025/2026 nr. 39)

Status: ongecorrigeerd

Aanvang: 14.09 uur

Een verslag met de status "ongecorrigeerd" is niet voor citaten en er kan geen recht aan ontleend worden.


Bekijk de video van deze spreekbeurt

De heer Baumgarten i (JA21):

Mevrouw de voorzitter. Bestuurlijk gebeurt hier naar het oordeel van de minister niks geks en ik kan de minister nog volgen ook, maar een auto kan ook heel kundig in de modder gereden worden. Hieruit spreekt geenszins een gebrek aan respect voor de minister; hieruit spreken mijn zorgen over de gevolgen van het wetsvoorstel. Mijn fractie blijft helaas zeer sceptisch over de uitwerking van het wetsvoorstel. Flexwerken wordt beknot, terwijl werkgevers en werknemers veel baat hebben bij deze flexibele inzet. In essentie is deze wet voor de semipublieke sector en ondernemers een zoveelste wet die het lastiger maakt om een gezond bedrijf of instelling te runnen. Sinds de Wet arbeidsmarkt in balans zijn oproepkrachten al beschermd met oproeptermijnen, loon bij late afzegging, het recht op een aanbod voor vaste uren en het rechtsvermoeden van arbeidsomvang. Als werkgevers die regels overtreden, moet de overheid handhaven; simpel. Maar dat is iets anders dan een contractvorm afschaffen waarvoor veel mensen bewust kiezen.

De minister presenteert dit wetsvoorstel als meer zekerheid voor werkenden. Mijn fractie vreest dat dit in de praktijk vooral leidt tot minder keuzevrijheid voor werkenden, hogere kosten voor ondernemers, meer regeldruk en minder arbeidsmarktdynamiek. In sectoren zoals de zorg betekent minder flexibiliteit niet automatisch meer vaste banen, maar mogelijk gewoon minder arbeidskrachten, wachtlijsten en uitgestelde zorg. Wat het handelingsperspectief van ondernemers extra beperkt, is dat vast vaak heel erg vast is, met alle risico's en kosten voor werkgevers van dien. Laten we niet onderschatten hoe belangrijk het voor de bv Nederland is om werkgevers en ondernemingen te helpen en te koesteren en hen niet op te zadelen met extra regeldruk die hen belemmert. Een gezonde semipublieke sector en een gezond bedrijfsleven zijn immers de beste garanties op werkgelegenheid.

Hoewel ik nadrukkelijk niet verwacht dat de appreciatie van mijn fractie voor dit wetsvoorstel opeens wijzigt, ben ik nog wel benieuwd naar het antwoord van de minister op de vraag hoe groot in kwantitatieve zin in relatie tot de gehele beroepsbevolking het probleem eigenlijk is dat met deze wet zou moeten worden opgelost.

Voorzitter, dank u wel.

De voorzitter:

Dank u wel. Dan geef ik nu graag het woord aan mevrouw Lagas van de BBB.